Lichthinder Controle Recreatie

Wat  | Technieken  | Voorbeelden  | Aanbevelingen, normen en reglementen  | Controle  | Beleid 

 

De verlichtingsterkte in Lux [lx] en de helderheid of luminantie in candela per m2 [cd/m2] kunnen direct met fotometrische toestellen gemeten worden. De lichtstroom en lichtsterkte zijn het resultaat van een combinatie van gerichte metingen en berekeningen. Er dient vermeld te worden dat fouten op meettoestellen van meer dan 10 % niet uitzonderlijk zijn. Daarom is het gebruik van regelmatig geijkte meetapparatuur een basisvereiste. Metingen zijn ook steeds zeer gevoelig aan omgevingsinvloeden. Correcte metingen dienen door bevoegd personeel uitgevoerd en geïnterpreteerd te worden.

Verlichtingssterkte in lux (illuminance)

De verlichtingssterkte van een bepaalde oppervlakte komt overeen met het aantal lumen dat erop invalt per m2.

Eenheid: lux = lumen per m2 [lx]
Voorbeelden: ’s zomers buiten in de middagzon circa 100.000 lx
kantoorwerk: minstens circa 500 lx is een vereiste
verlichte wegbedekking ‘s nachts circa 1 tot 40 lx

Deze waarde kan eenvoudig gemeten worden met een verlichtingsterktemeter ('lux meter') die goedkoop in de handel verkrijgbaar zijn.

Verlichtingsterkte

Luminantie in candela per m2 (luminance)

Het is een maat voor de helderheid. Bij eenzelfde verlichtingssterkte hebben donkere oppervlakken een kleinere luminantie dan heldere oppervlakken. De luminantie van een lichtbron of van een bestraalde oppervlakte is de lichtsterkte per m2 schijnbaar oppervlak. Het schijnbare oppervlak is de projectie van de bron op een vlak dat loodrecht staat op de kijkrichting. Hoe groter de luminantie, hoe meer licht er op ons netvlies valt en hoe beter we zien, tenzij de bron ons verblindt.

Eenheid: candela per m2 [cd/m2 ]
Voorbeelden:      oppervlak van de zon circa 1 miljard cd/ m2
gloeidraad van een lamp circa 70.000 cd/m2
Fluorescentielamp circa 8000 cd/m2
kaars circa 5000 cd/m2
wit papier verlicht met 500 lx circa 125 cd/m2
verlichte wegbedekking ’s nachts circa 1 tot 2 cd/m2

luminantie

Deze waarde kan eenvoudig gemeten worden met een luminantiemeter (luminance meter) : nauwkeurige luminantiemeters zijn duur en minder courant te verkrijgen.

De luminantie van een oppervlak kan daarom ook bij benadering bepaald worden met een verlichtingsterktemeter(enkel voor een diffuus of niet spiegelend oppervlak):

Luminatie[cd/m2] = Verlichtingsterkte[lx] x ρ / 3,14

met :
ρ = reflectiefactor (0,9 witte gevel, 0,3 gekleurde steen, 0,1 voor donkere steen)

De luminantie kan ook bij benadering bepaald worden via de belichtingsmeter van een fototoestel, waarbij:

L [cd/m2] = 12,4 x diafragma(f)2 / (belichtingstijd[s] x filmgevoeligheid(ISO))

(bv 15 cd/m2 komt overeen met diafragma 11 en belichtingstijd 1s en filmgevoeligheid 100 ISO).

Lichtstroom in lumen (luminous flux)

De lichtstroom is de totale hoeveelheid licht die een lichtbron per seconde in alle golflengten van het zichtbare licht uitzendt.

Eenheid: lumen [lm]
Voorbeelden: gloeilamp van 100 W geeft circa 1300 lm
een kaars geeft circa 10 lm

Lichtstroom

Lichtsterkte in candela (luminous intensity)

De lichtstroom is de totale hoeveelheid licht die een lichtbron per seconde in alle golflengten van het zichtbare licht uitzendt De lichtsterkte van een lichtbron is de lichtstroom die per eenheid van ruimtehoek in een bepaalde richting wordt uitgezonden.

Eenheid: candela = lumen per sterradiaal* [cd] 
Voorbeelden: autokoplamp circa 15.000 cd
gloeilamp van 100 W circa 80 cd in elke richting

*1 sterradiaal = opp. van 1m² in een bol met straal 1m

lichtsterkte

 

De lichtsterkte van een verlichtingstoestel bepalen in een bepaalde richting kan door het meten van de verlichtingssterkte[lx] te meten in een vlak loodrecht op de meetrichting en door het gebruik van de volgende formules;

  E=I/d2
  I=E.d2
waar E = verlichtingsstrekte in het vlak loodrecht op de meetrichting in lux,
  I = de lichtstrekte in de meetrichting, in candela,
  d = de afstand van het meetpunt tot de lichtbron in meter

Bijgevolg, de verlichtingsterkte[lx] van een oppervlak neemt af met het kwadraat van de afstand tot de lamp(bv een lamp die 100 lx geeft op een oppervlak op 2 meter afstand  zal slechts 25 lx geven op een oppervlak op 4 meter afstand)

Er dient vermeld te worden dat fouten op meettoestellen van meer dan 10 % niet uitzonderlijk zijn. Metingen zijn ook steeds zeer gevoelig aan omgevingsinvloeden. Correcte metingen door bevoegd personeel dienen uitgevoerd en geïnterpreteerd te worden. Om de afzonderlijke bijdrage van iedere armatuur te bepalen kan men de volgende methode gebruiken:

lichtbelasting op de gevel verticale verlichtingssterkte (lx) bepaal de totale verlichtingssterkte Egemeten met de verlichting van het terrein aan  
verticale verlichtingssterkte per lichtbron E (lx) de afzonderlijke bijdragen van elke lichtbron aan de verlichtingssterkte, rekening houdend met het normzicht. Sommering van Enorm i over N lichtbronnen geeft de totale bijdrage van het terrein aan de verticale verlichtingssterkte. De verlichtingssterkte per lichtbron wordt meestal bepaald met een luminantiemeter. De meethoek β van de luminantiemeter wordt zo gekozen dat deze de lichtbron omsluit luminantiemeter
lichtsterkte lichtsterkte (cd) bepaal de lichtsterkte voor elke afzonderlijke lichtbron Ii luminantiemeter
als een cluster van lichtbronnen zich binnen en cirkel van 20' bevindt, kan dit opgevat worden als één lichtbron voorwaarden

 

Gebruikte symbolen en eenheden

 

i nummering van de afzonderlijke lichtbronnen
N totaal aantal afzonderlijke lichtbronnen en clusters
Z meteorologisch zicht (m)
ri afstand lichtbron i tot de gevel (m)
ci correctiefactor voor de lichtsterkte Ii en verlichtingssterkte Ei
αi de hoek die de lichtbron maakt met de loodlijn op het venster (°)
Egemeten gemeten verticale verlichtingssterkte (lx)
Li gemeten luminantie van een lichtbron of cluster (cd/m²)
Z0 normzicht (m). De kans dat het zicht kleiner is dan het normzicht is 50%
Inorm i lichtsterkte per lichtbron of cluster (cd) gecorrigeerd voor het normzicht
β meethoek van de luminantiemeter (°)
Enorm i verlichtingssterkte per lichtbron of cluster (lx) gecorrigeerd voor het normzicht Z0

Heel wat karakteristieke grootheden zijn het resultaat van gestandardiseerde metingen op verlichtingstoestellen en van berekeningen.

De vereisten zijn vastgelegd in aanbevelingen & normen

Share/Save