Algemeen
Wegen
Monumenten
Handel & Diensten
Industrie
Thuis
Landbouw
Recreatie
De toestand van lichthinder in Vlaanderen wordt opgevolgd door de Vlaamse Milieumaatschappij via het milieu- en natuurrapport Vlaanderen (Mira).
Hieronder vindt u een figuur uit het achtergronddocument van mira-T 2007 die het elektriciteitsverbruik voor buitenverlichting weergeeft. Het is een maat voor het totale gebruik van buitenverlichting waardoor deze indicator onrechtstreeks de factoren die lichtvervuiling veroorzaken, weergeeft. Deze indicator wordt gebruikt omdat er geen juiste cijfers voorhanden zijn over het aandeel van buitenverlichting dat lichtvervuiling veroorzaakt. Bij de interpretatie van deze indicator dient men er rekening mee te houden dat het rendement van de verlichtingsinstallaties nog steeds toeneemt en dat een vermindering van het verbruik niet rechtstreeks wil zeggen dat er minder lichtvervuiling is.

Evolutie van het jaarlijks elektriciteitsgebruik (GWh) voor buitenverlichting per sector
(bron Mira-T 2007achtergronddocument).
Wanneer men hemelgloedkaarten van heel Europa bekijkt, behoort Vlaanderen tot de meest verlichte delen. De belangrijkste reden is een combinatie van de hoge bevolkingsdichtheid en een versnipperd netwerk van woningen met daarin een hoog aandeel van vrijstaande bebouwingen.
De wegverlichting heeft het grootste aandeel (46 % in 2006) in de totale buitenverlichting in termen van elektriciteitsgebruik. De wegverlichting op zich bedraagt ongeveer 1 % van het totale elektriciteitsgebruik. Er waren 1 100 000 wegverlichtingspunten voor een bevolking van 6 027 395 bewoners in 2004 of 0,18 per capita wat zeer hoog is. Brussel heeft ter vergelijking slechts ongeveer 0,11 verlichtingspunten per capita (veel hogere bevolkingsdichtheid per km²) en Duitsland 0,12. Nederland heeft met 0,21 meer punten dan Vlaanderen, maar daar gebruikt men veelal lampen met een lager vermogen. Wat betreft hemelgloed is de bijdrage van wegverlichting waarschijnlijk relatief lager aangezien de weg van boven naar beneden verlicht wordt en andere buitenverlichting (reclame, koplampen, monumenten, tuinen ...) een minder gunstige opstelling heeft. Er zijn in Vlaanderen 867 km snelwegen, 6 007 km gewestwegen en 62 250 km gemeentelijke wegen. Snelwegen hebben dus maar een klein aandeel in de totale wegverlichting.
De volgende figuren tonen typische hemelgloedkaarten van Vlaanderen bij nieuwe maan en onbewolkte hemel in specifieke intensiteit. De specifieke intensiteit is een eenheid die kan omgerekend worden in luminantie. Astronomen gebruiken die om de helderheid van de sterrenhemel aan te geven. Het is een logaritmische schaal en de onvervuilde nachthemel heeft de hoogste waarde 22. Indien de kaarten omgerekend zouden worden naar percent van de natuurlijke hemelluminantie bij nieuwe maan zou men in Vlaanderen bijna overal meer dan 300 % meten. Dit loopt op tot meer dan 900 % in de meest lichtvervuilde gebieden. De metingen tonen aan dat de doelstelling geformuleerd in het MINA-plan 3 voor het jaar 2007 die stelt dat er geen gebieden meer zijn met een kunstmatige hemelluminantie die 9 keer de natuurlijke hemelluminantie bedraagt, niet gehaald is en in dat deze in de toekomst moeilijk haalbaar is.

Hemelluminantie in specifieke intensiteit (België, 1998-1999, 2007) (Bron: Van Tichelen et al., 2007, berekend op basis van satellietbeelden 1998, met meetcorrecties 2007 voor en na middernacht; mag: magnitude; bgsec: boogseconde)